Aan een toekenning zijn altijd een of meer voorwaarden verbonden. Een standaardvoorwaarde is dat u het begin van de activiteit moet melden (zie Melden begin).

Als er tijdgebonden voorwaarden zijn staat in het verleningsbesluit binnen welke periode u daaraan moet voldoen. Voldoet u niet tijdig aan deze voorwaarde(n) dan sturen wij u één herinnering om er alsnog aan te voldoen. Als u dan nog niet aan de voorwaarde voldoet wordt de subsidie ingetrokken.

Wij kunnen een voorschot betalen als u het begin hebt gemeld en aan eventuele aanvullende voorwaarden hebt voldaan. In het eerste deel van het verleningsbesluit staat vermeld wat de hoogte is van de voorschotten en van welke voorwaarden zij afhankelijk zijn.

Een veel voorkomende voorwaarde bij subsidies van € 10.000 of hoger is dat u duidelijkheid moet verschaffen of de benodigde medefinanciering daadwerkelijk is verkregen. Daarmee is voor ons namelijk duidelijk dat de activiteit kan worden uitgevoerd. Voor dit doel sturen wij bij het verleningsbesluit het formulier ‘Verklaring dekking t.b.v. voorschot voor subsidies vanaf € 10.000’ toe waarmee u de toegezegde en/of ontvangen medefinanciering aan ons kunt doorgeven.

Vanaf 2026 hoeft u in het algemeen de medefinanciering niet meer aan te tonen bij Maror. Voor subsidies vanaf € 10.000 geldt dat de accountant de controle verricht en onder € 10.000 geldt geen standaard controle. In bijzondere gevallen kunnen echter stukken worden opgevraagd en u moet in die gevallen natuurlijk de medefinanciering die u (eerder) hebt opgegeven kunnen aantonen.

Een positieve beslissing over uw aanvraag – de toekenning – betekent in feite een principieel besluit om uw activiteit te steunen. Er is sprake van voorschotten omdat de uiteindelijke hoogte van de subsidie pas wordt vastgesteld na afronding van de activiteit, wanneer het eindverslag over de activiteit is goedgekeurd (zie Verzoek om vaststelling en Vaststelling uitkering). Tot dat moment zijn alle betalingen voorschotten. De hoogte van het voorschot bedraagt over het algemeen niet meer dan 80 procent van de uitkering. De resterende 20 procent volgt in principe na de vaststelling.

In sommige gevallen wordt geen voorschot verstrekt, dat wordt dan vermeld in het verleningsbesluit.